500 jaar reformatie: vrij en blij!

 

De Reformatie van Luther (en later van Calvijn) heeft veel kritiek opgeleverd in de samenleving en vanuit de kerk van Rome. Daarom zijn er vluchtelingenstromen in Europa op gang gekomen.

We praten dan over de zestiende eeuw.

 

Koninklijk paar in de werkkamer van Luther op de Wartburg

Er moest opeens nagedacht worden over ‘verdraagzaamheid’: hoe gaan we om met gegroeide verschillen en tegenstellingen?
En dan gaat het over genade die God geeft aan de ene kant; en aan de andere kant: de goede werken en biecht en gelddonaties aan de kerk.

Het gaat over het verschil tussen dreigen met de hel of vertrouwen in de hemel.

Het gaat in de Reformatie dus over geloofsinhoud, waarbij mensen een verschillende posities innemen.

Geloof als discipline of geloof als bemoediging en genadig rustpunt.

Je kunt zeggen: waar gaat het helemaal over. En: dat het accenten zijn die allemaal waarde hebben. Maar als je in een eenzijdigheid verkeert, die andere dingen tekort doet, is het wel eens nodig om duidelijk positie te kiezen. Wat gebeurt er, als de relatie met God opeens alleen maar kan lopen via de kerk met haar machtsinstituties in ambt en leergezag? En: gelikkig zijn verhoduingen niet meer zo scherp wordt Luther in de Rooms-Katholieke Kerk ook als een leraar gezien.

Wat waar gaat het om?

Dat kunt je mooi zien aan de ontwikkeling in het leven en geloven van Luther.

Luther heeft zijn best gedaan God te dienen en vroom te zijn, maar krijgt steeds meer het gevoel, dat God van hem het onmogelijke eist.

Is dat niet herkenbaar. Dat mensen mooie dingen als gezondheid, geluk, vrede, rust en rijkdom missen en dat God kwalijk nemen: “Hoe kan ik God liefhebben, als me dit overkomt?”. Moet ik dankbaar zijn om wat ik mis?

Lijkt dat niet toch een beetje op Luther, die een hekel aan God krijgt? Omdat Luther vindt, dat God het onmogelijke van een mens vraagt.

En dan komt Luther tot het inzicht dat het precies andersom is.

Niet wij moeten zorgen dat het weer goed komt tussen God en ons, maar God heeft daar in Christus zelf al voor gezorgd. Wij hoeven dat alleen maar in geloof aan te nemen.

Luther noemt dit nieuwe inzicht: “alsof de deur naar het paradijs voor mij opengaat”.

Iets heel anders: in de tijd van de Reformatie wordt opeens actueel, hoe je leert te denken over hulpverlening dichtbij aan wildvreemde mensen, die om hun geloofsvrijheid op de vlucht zijn.

Door Luthers nieuwe manier van geloven krijgt de zorg voor mensen in nood een heel ander uitgangspunt. Niet langer zijn onze gaven aan armen en andere mensen in nood bedoeld om verdiensten bij God te krijgen.

Dat past ook goed in onze tijd. Wij komen in aanraking met mensen die om hun geloof in Christus geen leven hebben in fanatieke moslimskringen.

 

 

Wat doen we dan?

De andere kant op kijken?

Of: te hulp schieten, als wij kunnen helpen?

En helpen is vaak niet geld geven, maar aandacht en kennis van zaken en je verstand en je netwerk gebruiken.

De boodschap van genade betekent dat ik de handen vrij krijg om mij uit liefde voor de naaste en uit dankbaarheid aan God voor de nood in de wereld in te zetten.

Dat komt heel dicht in de buurt van Paulus, die zegt: “Laat ieder zo veel geven als hij zelf besloten heeft, zonder tegenzin of dwang, want God heeft lief wie blijmoedig geeft” (2 Korintiërs 9:7).

Zonder tegenzin of dwang betekent: uit vrije en blije wil!

Ds. Wim Scheltens