De verwondering van Toon Hermans

“Laat ons o Heer hun leven in Uw handen leggen

en leer ons altijd weer Uw wil geschiede zeggen.”

Deze regels zijn van Toon Hermans.

Eigenlijk zijn ze eerst een beetje anders geschreven: 

“Laat ons o Heer haar leven in Uw handen leggen

en leer ons altijd weer Uw wil geschiede zeggen.”

Dat was bij het overlijden van zijn vrouw Rietje voor op haar graf. Later hebben hun beide zoons van ‘haar’ gemaakt: ‘hun’. En zo staat het op het graf van Toon en Rietje Hermans in Sittard. Het kenmerkt het geloof van Toon Hermans, van waaruit hij kracht putte om mensen te laten delen in het licht.

Toon Hermans

Licht is ook een thema van advent en Kerst: ‘Het volk dat in duisternis ronddoolt ziet een groot licht’ – Jesaja 9.

Op zaterdag 17 december is het honderd jaar geleden, dat Toon Hermans het levenslicht aanschouwde. Karin Bloemen liep door Sittard en vertelde in eenvoudige woorden en met beelden onder
steund – donderdagavond jl. op de televisie – ontroerend over hem. Zij wijst op de gein die van het gezicht van Toon Hermans straalde. Juist ook omdat het levensverhaal van de jonge Toon groot verdriet herbergt. Op elfjarige leeftijd ervaart hij hoe zijn vader overlijdt in zijn armen. Maar over zijn jeugd zingt hij hoe verrukt hij was dat hij met de processie mee mocht lopen…

Hij zegt daarover wel: “Elk mens heeft een donkere passage nodig in je leven, dan kun je later het licht veel beter onderscheiden”. Voor hem is de verwondering over de schone kant  van het leven steeds sterker geworden en tot het einde gebleven.

Voor mij ligt zijn nieuwe gebedenboek. Ontroerend, hoe eenvoudig en diep tegelijk Toon zijn gebedsteksten heeft gemaakt. Ik noem er één als voorbeeld: ‘Middelpunt’:

“Heer,

inspireer mij.
Geef dat ik U midden in mijn leven 

plaats,

in mijn huis en in mijn werk

en dat ik dat doe

als iets vanzelfsprekends.”

 

 

Toon Hermans schreef zijn eigen gebeden 

ook voor anderen 

die wel eens twijfelen 

en verlichting zoeken.

Wie in dit gebedenboek leest, kan verbaasd worden, hoe vaak Toon terugkomt op God en Jezus. Indringend, intens, bloedserieus en bijna met missiedrang.

De zoons Gaby en Maurice relativeren het niet. Ze vertellen wel, dat het denken van Toon Hermans niet veel te maken heeft met dogma’s of vaste leerstellingen. ‘Hij was echt Limburgs, ook in zijn geloof. Gemoedelijk, bourgondisch, op menselijke maat’, zegt Gaby. ‘Het ritueel, de sfeer, het gevoel, daar hield hij van, ik ook’, zegt Maurice.

Maurice heeft van de nonnen gehoord, hoe zijn vader in de Gemmakapel eens in tranen uitbarstte, omdat hij daar vooral zijn heil zocht als hij in de rats zat. Dan zei zo’n zuster in de kapel: “Och, geeft niet, jongen, dat deed Jezus ook in de Hof der Olijven, toen Hij tot zijn Vader bad of de kelk Hem voorbij mocht gaan”.

Ds. Wim Scheltens