Genoeglijk gesprek over geloof

 

In het Nederlands Dagblad van vrijdag jl. is een mooi verslag van de kerkelijke happening op Hemelvaartsdag bij onze Oosterburen.

Ooit heb ik in Oost-Duitsland op zo’n Kirchentag in Oost-Berlijn gezeten.

Dat is een gebeurtenis die wij in Nederland zo niet kennen.

De leiding van de kerk legt getuigenis en verantwoording af in een massale manifestatie met honderdduizend mensen.

Er komen kritische vragen. Ze worden beantwoord. De dilemma’s en onmacht komen op tafel. De hartstocht en de hoop worden daarbij niet verbloemd. Zodat het geloof en de kerk een gezamenlijk punt wordt.

 

Duitse bondskanselier Angela Merkel en de Amerikaanse oud-president Barack

Obama over persoonlijke geloof en politiek op de Kirchentag, donderdagmorgen in Berlijn

In Berlijn is op Hemelvaartsdag een overdekt podium pal achter de Brandenburger Tor opgetrokken. Daar zitten Merkel en Obama genoeglijk naast elkaar. Obama’s oproep om het verschil te maken in het uitdragen van godsdienst- en persvrijheid, bescherming van het milieu en het geven van ontwikkelingshulp wordt enthousiast begroet met donderend applaus.

Bij lastige vragen aan Obama en Merkel is er ook applaus.

De Duitse kerkleider Heinrich Bedford-Strohm zegt veel brieven van kerkleden te krijgen die zich erg voor vluchtelingen hebben ingespannen. Nu moeten ze meemaken, dat Afghanen gedwongen worden Duitsland te verlaten, terwijl ze hun leven in Afghanistan niet zeker zeggen te zijn.

Merkel: ‘Onze rechtsstaat vraagt van ons dat wij díé vluchtelingen helpen die onze hulp echt nodig hebben. Het is moeilijk om dat onderscheid aan te moeten brengen.’ Obama: ‘Wij weten allemaal dat een kind van God overal evenveel waard is, ongeacht of hij aan deze of aan de andere kant van de grens verblijft. Maar als regeringsleider dien je een concrete natiestaat, wat betekent dat je extra verantwoordelijkheid draagt voor je eigen mensen. Compassie, solidariteit en humaniteit zijn nodig met mensen in nood, maar je bent ook geroepen je eigen burgers te dienen. Juist daarom geloof ik in een aanpak die inzet op het verbeteren van de omstandigheden in de landen waar deze vluchtelingen vandaan komen.’

Obama zegt verder: ‘Ik zie dat christenen soms verward raken wanneer ze hun persoonlijk geloof inbrengen in het publieke debat. In hun persoonlijke geloof zijn zaken soms onopgeefbaar, en dat begrijp ik goed, maar in de samenleving wordt van hen dan toch de bereidheid gevraagd een compromis te sluiten. Omdat we ook te maken hebben met joden, moslims en atheïsten in diezelfde samenleving.’

Obama over zijn eigen geloof: ‘Persoonlijk denk ik dat het goed is in je geloof ruimte te laten voor een beetje twijfel. Het gaat bij geloven namelijk om dat wat je niet kunt zien, en juist dat maakt me nederig. God spreekt niet exclusief tot mij, Hij spreekt ook via een ander. We leven in een pluralistische wereld, we zien allen een deel van de waarheid maar niet de héle waarheid.’

Merkel vertelt, hoe haar geloof geen enkele reden geeft om zich boven de ander te verheffen. Het motiveert juist om zich in te zetten voor de waardigheid van alle mensen. Merkel: ‘het geloof geeft me de vrijheid fouten te mogen maken’. Obama knikt en zegt: ‘Juist sterke gelovigen durven risico’s te nemen.’ De afschaffing van de slavernij is volgens hem te danken aan overtuigde christenen die dit ter discussie durfden te stellen. ‘Het wordt gevaarlijk als je geloof zo zwak is dat het niet door anderen uitgedaagd mag worden.’

‘Kunstig gevlochten haar’- eerlijk gezegd:

 mooi om te zien, maar wat in het hart ligt, doet er echt toe…

 

Zo wordt in de open lucht verantwoording afgelegd van de hoop die in ons is. Dat is een uitdrukking van Petrus  (1 Petrus 3: 15).

In dat hoofdstuk komen mooie uitspraken voor: ‘uw schoonheid moet niet gelegen zijn in uiterlijkheden, zoals kunstig gevlochten haar, gouden sieraden of elegante kleding, maar in wat verborgen ligt in uw hart, in een zacht en stil gemoed. Dat is een overgankelijk sieraad dat God kostbaar acht. Daarmee tooiden zich vroeger ook de heilige vrouwen die hun hoop op God vestigden’, zoals Sara.

‘U bent haar dochters’, zegt Petrus (3:3-6), ‘wanneer u het goede doet en u zich geen angst laat aanjagen’.

Petrus zegt dit tegen vrouwen.

Dat mogen mannen zich ook aantrekken.

Het goede doen en geen angst laten aanjagen.

Is dat niet een mooie aansporing ook voor 2017?

Juist dat evenwicht, het een èn het ander, kon wel eens een goede richtlijn zijn.

Ds. Wim Scheltens