Hoop voor de toekomst

Ons leven is in beweging. We beleven onverwachte momenten, zeker in de laatste maand. In het kader van de ‘vrijheid van meningsuiting’ vragen cabaretiers zich af, hoe ver ze nog mogen gaan met hun satire over mens & godsdienst? In de kerk wordt de vrijheid van meningsuiting toegespitst op de vrije verkondiging van Gods Woord. En in de gesprekken is er grote vrijheid om de vrijmoedigheid te oefenen in het getuigen van de hoop die in je is. Er is ook vrijheid om kritische, uiterst kritische vragen te stellen. Hoe kun je nu geloven in God, als je niet weet of Hij bestaat? Dat is zo’n vraag. Daar beluister ik geen onfatsoen of brutaliteit in.

Er is een heel gesprek ontstaan over godslastering en over een mate van gevoeligheid daarvoor. Zou de ene groep daarvoor gevoeliger zijn dan de andere? Er kwam een stelling: gehandicapten kunnen net zo geraakt zijn als gelovigen.

Daarop kwam een tegenstelling: als ik geloof in God en daar wordt de draak mee gestoken, dan ligt dat voor mij toch heel anders dan voor iemand die helemaal niet in God gelooft; die wordt niet geraakt omdat het niet over zijn persoonlijke hemelse Vader gaat.

Je gelooft niet om eerder gekwetst te kunnen worden. Je gelooft in Christus, omdat je de bijbelse boodschap serieus neemt en omdat wat Christus zegt jou aanspreekt. Je raakt onder de indruk van het geheimenis, dat ons leven samenhangt met Gods heilswil. Dat wij leven in een sfeer van: “Abba, Vader, U alleen, U behoor ik toe. U alleen doorgrondt mijn hart, U behoort het toe.”.

Geloven heeft niet te maken met ijdelheid die gekrenkt of gekwetst kan worden. Geloven heeft te maken met eer willen geven aan Hem die onze Schepper is. En als je dat gelooft, doet het pijn, als mensen onwetend en domweg krenkend praten over deze geheimenissen. Maar om venijnig te reageren?

Hoe zegt Jezus ‘t ook weer (in Lucas 6: 31): “Behandel anderen zoals je wilt dat ze jullie behandelen”(NBV); “En gelijk gij wilt, dat u de mensen doen, doet gij hun evenzo.”(NBG 1951). En om die houding van Jezus met de kracht van de Heilige Geest steeds meer in je te laten doorwerken, daarom belijden mensen hun geloof in de kerk. Hoe meer mensen zo leven, hoe meer hoop er voor de toekomst is, want God zegent dit en maakt het goed met zijn schepping: beloofd is immers bij God altijd: beloofd!

Ds. Scheltens