Geloof en twijfel

In het dagblad Trouw van woensdag 29 mei 2019 lees ik een aankondiging van een boek ‘Spiritualiteit van de twijfel’. Bij die aankondiging vertelt de schrijver ds. Roger Dewandeler, dat twijfelen en geloven bij elkaar horen. “Een open en onderzoekende geloofshouding past bij deze tijd. Ik heb het gevoel dat het hard nodig is om de twijfel in ere te herstellen en tegelijk het geloof los te maken uit de sfeer van het weten en de pretentie van de zekerheid, om ze allebei, twijfel én geloof, hun volledige, positieve betekenis van niet-besluiten terug te geven.”

Over die zinsnede van Dewandeler heb ik een poosje zitten nadenken.

Uit mijn (royale) herinneringen schiet mij opeens te binnen, dat iemand de uitspraak deed: het ongeloof kent geen twijfels, want het gelooft niet; maar het geloof kent twijfels, want het geloof gaat ergens over.

Weet u, twijfel is geen groot gevaar, maar ook geen deugd. “Bij twijfel niet inhalen”, dat is een goed uitgangspunt voor meer dan alleen in het wegverkeer. Twijfel kan ook stuurloos maken, omdat je niet tot keuzes komen kunt. Twijfel houdt er niet van om knopen door hakken. Twijfel kan ook verlammen en lusteloos maken.

In de geschiedenis van de kerk is vaak nagedacht over de zekerheid van het geloof.

En de Heidelbergse Catechismus spreekt over geloof als een zeker weten en een vast vertrouwen. Dat zeker weten gaat niet over je eigen inzichten, maar over God, die betrouwbaar is in zijn Woord: dat wat Hij zegt waar is.

En dat vaste vertrouwen, dat gaat dan om het punt, dat die betrouwbare woorden van God ook voor jou gelden.

Voor mij hoeft de twijfel zich hier niet naar binnen te wroeten.

Want op zo’n manier is de twijfel als roest en motvliegjes, die gaten slaan.

Twijfel aan je eigen gelijk kan minder kwaad. Eigen stelligheid is soms eerder een verpakking van onrust of onzekerheid. Dan kun je je vastklampen aan een hulpconstructie die jou goed uitkomt en kritische vragen opvangt als een goalkeeper. 

Twijfel aan je eigen gelijk kan je scherp houden. Twijfel kan ook leiden tot het weer opnieuw ontdekken  wat in de bron van jouw denken en geloven steekhoudend is.

Twijfel behoort bij een wetenschappelijke grondhouding, dat je nooit stil blijft staan in je ontwikkeling, maar je afvraagt of het misschien toch nog anders zit dan je dacht.

Maar of twijfel nu hand in hand gaat met geloof, dat vraag ik me af. Volgens mij is geloof iets wat door de twijfel heen getrokken moet worden. Dat je door die twijfel heen komt en beseft: maar dit is voor mij zo waar als wat. Op één plek in de Bijbel kom je een oproep tegen om zorgvuldig en zachtzinnig met twijfel om te gaan. Dat is in de weinig bekende Brief van Judas, vers 22: Ontferm u over wie twijfelen! Daaruit blijkt trouwens wel, dat twijfel niet is om trots op te zijn. 

Christus verschijnt aan de apostelen, ets (1656) van Rembrandt

Bij de Hemelvaart van Jezus lezen we in Matteüs 28 ook, dat sommigen van de leerlingen van Jezus twijfelden. En dat terwijl Jezus in hun midden staat!

Dat zegt wel iets; het zegt ook iets over het Evangelie, dat dit ronduit erkend wordt.

Rembrandt heeft daar zo’n aardige ets over gemaakt in 1656. Je ziet aan de ogen verschillende emoties: ‘kijk, dat is onze Heer’, en: ‘ik zie Hem wel, maar is Hij het wel?; en: ‘hoe kan dat nou, dat Hij er weer is?’; en: ‘zou Hij het echt zijn?’.

Het bijzondere van de opstanding is, dat Jezus laat merken te midden van zijn leerlingen te willen zijn. Hij gaat ook niet stilletjes op hemelvaart. Hij neemt afscheid  en vertrekt met dat duidelijk zegenend gebaar (Lucas 24:51), dat wil zeggen: Ik ben en blijf met jullie waar en wanneer je ook leeft. Jezus heeft dat indringende zinnetje gezegd: “Ik ga heen om jullie plaats te bereiden, want Ik wil dat jullie zullen zijn waar Ik ben.”(Johannes 14:3).  

Dat is belangrijk van geloof: de ontmoeting en de persoonlijke band met Jezus. Dat wat met Hem te maken heeft ook precies net zo met jou te maken heeft. Zoals de moordenaar aan het kruis te horen krijgt: “jij zult heden met Mij in het paradijs zijn. Dat “met Mij” maakt het zo rijk.

Ds. Wim Scheltens