Pinksterfeest 2003

In zijn boek Op zoek naar de Geest (2000) laat prof. Runia zien dat een gelovige niet automatisch beschikt over de Geest. Hij stelt de zinvolle vraag aan de orde: “Waar liggen bij mij de verstoppingen die het werk van de Geest in mijn leven belemmeren?”. Ik hoor daarbij de apostel Paulus op de achtergrond meeklinken met zijn oproep: bedroeft de Heilige Geest niet, dooft de Geest niet uit…

En daarbij is het goed om je ook positief af te vragen: op welk terrein kan de Heilige Geest met mij uit de voeten. Hoe kan ik een landingsplaats zijn van de Heilige Geest. Deze vragen bepalen ons actueel bij de doorwerking van het Pinksterfeest. Want God roept mensen. Wil je dienstbaar zijn aan de sfeer van Gods Koninkrijk? Dat betekent, dat verdriet niet zonder Christus verwerkt wordt, dat teleurstelling niet tot bitterheid leidt, dat je zoekt naar opbouwende inbreng… Dat kan in kerkelijk werk heel goed van pas komen.

Maar het Pinksterfeest geeft ook iets voor de samenleving, de dienstverlening, de hulpverlening, de politiek – Pinksteren kan op alle terreinen van het leven geen kwaad doen! Dat je je niet door de tijdgeest als een angstig hondje in je mand laat drukken, maar dat je uit de kring van de kerken de wereld inkijkt met een bevlogenheid, die niet meteen dichtslaat, als het je vreemd te moede wordt. Dat je jouw inzet in de samenleving niet alleen op eigen kracht vorm geeft. Dat je graag dienstbaar wil zijn aan idealen die vanuit de Bijbel tot ons komen. Dat je wilt meedoen met omzien naar de zwakke, om rentmeester te zijn in Gods schepping, dat de vreemdeling aan jou kan merken wat het je doet, dat Jezus jouw Heer is. Wat wil de Heilige Geest in uw leven aanwakkeren?

Er wordt te laatste tijd nogal bars geroepen: “gelovige, in je hok!”. Want Nederland is seculier (werelds), volgens nogal wat mensen. De scheiding tussen kerk en staat wordt verbreed tot een scheiding tussen samenleving en geloof. Dat lijkt me niet wijs. Iedere inzet in de samenleving wordt geboren uit een levensovertuiging, een motivatie, een bevlogenheid. En waarom zou de christelijke motivatie, de bevlogenheid die met de Geest van Christus heeft te maken opeens niet mogen meetellen?

Ik vind dat uit de hoogte. We hebben in onze tijd mensen nodig, die zich laten inspireren door Jezus die de nood van de mens onder ogen zag en aanpakte. Dat werk laat Hij door zijn Geest aan ons over, zo goed en kwaad als we dat kunnen. Wonderen verrichten kunnen we niet, tekenen van geloof, hoop en liefde wel! Schaam je daar alsjeblieft niet om, laat je niet monddood maken als het om de echte idealen van Gods Koninkrijk gaat!

Ds. Scheltens