Vroom en godvruchtig

 

Bij de Damascuspoort in de Oude Stad in Jeruzalem is van de week een mozaïekvloertje van 1500 jaar oud aangetroffen.

Israëlische arbeiders waren bezig om kabels aan te leggen in de grond.

Ongeveer een meter onder de aarde troffen ze het stenen kunstwerk aan met een grootte van 114 bij 80 centimeter.

Het stuk vloer geldt als uniek omdat de inscriptie geheel bewaard is gebleven. Dat is zeldzaam. De Griekse tekst gaat onder andere over de Romeinse keizer Justinianus I (482-565). De tekst heeft het over „onze vroomste keizer Flavius Justinianus” en over een „godsvruchtige abt en monnik” die Konstantin heet.

Experts dateren het vloertje op 550 of 551. Ze vermoeden dat het lag in een hotel voor pelgrims. Justinianus is onder meer de opdrachtgever van de basiliek Hagia Sophia in het huidige Istanbul.

De Israëlische conservator Skulk Freireich bij de gevonden inscriptie

Het gaat mij nu om de aanduidingen  ‘vroom’ en ‘godvruchtig’.

Zo’n 1500 jaar later zijn die woorden actueel geworden als duiding van twee mensen, die in de zojuist gevonden inscriptie genoemd worden.

Sprekende eigenschappen zijn dat.

Met welke woorden zou er over jou en mij eventueel ooit gesproken worden?

De woorden ‘vroom’ en ‘godvruchtig’ zijn vandaag de dag niet zo gewild.

Je krijgt er geen applaus voor.

Er zit voor veel mensen een muf luchtje aan: overdreven en schijnheilig.

Als we dat luchtje eraf zouden willen halen, kunnen we die woorden misschien nieuwe inhoud geven. Zoals met het begrip ‘dankbaarheid’.

Dat je blij bent met iedere nieuwe dag die je krijgt.

Zondag mogen we in Lunteren de heilige doop vieren van Eva van de Vendel en June Kraai. De kleine meisjes hebben al heel wat meegemaakt.

June is al in het vliegtuig naar Italië geweest.

En Eva? Ze heeft de ziekenhuizen van Nijmegen, Ede en Rotterdam bezocht. In de havenstad heeft ze een operatie van vele, vele uren moeten ondergaan. Daarna is ze naar de intensive care in het Radboud UMC  te Nijmegen gebracht. En wat zijn de ouders God dankbaar dat het allemaal goed gegaan is.

En nu mogen de meisjes gedoopt worden. In het doopgebed staat de bede: ‘Laat heel uw gemeente zich opnieuw verheugen over verlossende daden.’

Niet alleen de doopouders en hun familie en vrienden mogen zich verheugen.

Heel de gemeente mag zich verheugen.

Niet omdat je misschien zelf zoveel reden tot dankbaarheid hebt. Maar omdat je mag deelnemen aan de dankbaarheid van mensen met wie je verbonden voelt als broeders en zusters in de Heer.

Zo kan de doop je eigen dankbaarheidgevoelens vernieuwen.

Dat je ook beseft, dat jouw dankbaarheid een adres heeft: de Here onze God, die ons geweven heeft in de schoot van onze moeder en die ons liefheeft door dik en dun. Dat Hij alles over heeft gehad om ons te brengen bij het heil van Christus. En dat besef kan je leven vroom en godvruchtig maken zonder muffe geur, omdat je oprecht en merkbaar dankbaar bent aan God. En omdat je serieus wilt nemen wat Gods Koninkrijk in ons leven binnen brengt: geloof, hoop en liefde, vriendelijkheid, hulpvaardigheid en vrede door de verzoeningsgezindheid van Christus Jezus.

Belijdenisdienst op 3 april 2016 

van Sieneke en Johan Kraai 

en Joanne en Alex van de Vendel

vlak bij de doopvont

In dat besef worden begrippen als vroomheid en godvruchtigheid

levende werkelijkheid die in jouw gemoed en houding terug te vinden zijn.

Zo werken het Woord en de Geest niet alleen aan jouw vertrouwen op God, maar ook aan jouw dienstbaarheid in de samenleving.

De gezindheid van Christus wordt zo jouw deel.

En de vruchten van vroomheid en godvruchtigheid zijn positief en op zich weer dankbaar stemmend voor anderen. Zo gaat het maar door.

Als je de Heer aan het werk laat ook in jouw leven.

Ds. Wim Scheltens